Tagarchief: Gracyan

IK ZOU… Gracyan

IK ZOU…
Gracyan
Aan mijn vriend G.B.

’t Is Zondagavond :
De dag van rust is weer voorbij
Ik steek reeds onder ’t dak,
Want « negen sloeg de klok
En zit hier nu te turen :
M’n vriend is weg, m’n deur
Gedachten drijven
Als wolkskes uit mijn pijp,
Gevoelens wellen
Bij borstgezwel en hartgeklop.
‘k Ben « boer » geworden,
Bevrijd van « lôs » en « Zählappel »
En loop met blote borst
Roodbruingebrand-langs-beemd en bos

Ik hoor de vogels heffen,
Het lentelied langs groenend veld
Waar zonne stookt en leven bruist

O, ‘k zou wel zingen
Stond niet m’n Lief, me heilig-lief ,
op wacht! aan ’t strand van overzee!

Ik zou wel jubelen,
O, stroomde maar wat minder bloed
O, waaide toch wat minder haat

Beuren (Eichsf.), 29-6-17.

nieuwjaarskaart verstuurd 1919

Advertenties

Wees gij mijn Chrysanteen Gracyan

Wees gij mijn Chrysanteen
Gracyan
Beuren (Eichsf)
’t Gaat winteren. lieve !…
Kom weer, rood-gouden zonnepracht.
Klaar op het grauwe wolkenwaas!
O zie. de wilgen steken naakt
Hun armen breed-ontfermend uit!
Roodgele blaad ‘ren rits’len neer
En hupp’len wild op vreemd muziek
Van najaarswind . .
— Wie heeft geplukt de laatste roos
En tulp, viool en jassemijn ?
Voorbij het bloemenfeest, voorbij
Iet hoofdfestijn van kleur en geur,
Voorbij ! ..
En toch, wen alles rust en treurt,
Ontzénuwd ligt en sterft, daar staat
Bij laatsten gouden dag die wijkt
Voor dezen nakend-naren nacht,
Nog bloeiend-recht de chrysanteem!
Bij haar is leven, immer blijheid
nog en kleuren die ik lief!
O najaarsbloem. o chrysanteem.
Die balsem brengt in rouw-getij
En zonnesching in winterdroom
Ik min uw éenvoud niet het minst !
… Hoor ’t Allerzielen klokgelui !
Zie zwarte mantelkappen gaan
Naar ’t graf van hunne duurbre doon
Zacht préev’lend, maagd en moeder legt
Op kouden steen, het laatste groen,
De laatste bloem : een chrysanteem
Svmbool van liefd’ en ouwe trou!…

Kaart verstuurd 1919