Rondo van de gewetensbezwaarde D.H. Lawrence (1885 – 1930)

Rondo van de gewetensbezwaarde
D.H. Lawrence (1885 – 1930)

De uren zijn in hun loden toonloze zand
Neer getuimeld op een doffe grauwe hoop in den West.
Ik sleep gemelijk mijn geduld door het verwoest gewest;
Morgen regenen ze wel terug, aan deze duffe dagen heb ik het land.

Ik dwing mijn handkar door het zompige drab dat tot slib verzeept
En het sombere smeer spuit tot op mijn handen
Terwijl ik mij in het schemerduister te rusten begeef.
De uren zijn neer getuimeld in loden toonloos zand.

Een verkrampte doornstruik blijft nog in de avond hopen
Houdt vast nog aan zijn blaren en het b!ijde ronde nest.
Maar met modder zijn de huizen in deze moede gouwen vo!gelopen
Ze staan opgetast in een doffe grauwe hoop ginds in den West.

De godganse dag klettert ijzer op ijzer en kwelt
De open zenuw van deze plek. Nu dijt een vlek van stilte uit
En een zucht van verlichting. Al is het hart nog steeds omkneld:
Ik sleep gemelijk mijn geduld door het verwoest gewest.

De uren vallen reeds niet meer en een ster grijpt
De schimmen aan om onze laaghartigheid te dekken, en laat
De slaap ons verdonkeremanen: maar hij begrijpt:
Morgen regenen ze terug, de duffe uren die ik hartgrondig haat.

Zoals beloofd twee gedichten in het weekend
In dit geval de originele anderstalige versie op zaterdag en de vertaling op zondag
gepubliceerd met toelating van de Uitgever Davidsfonds uitgeverij
isbn 978-90-6306-656-7
WE WERDEN HONDERD JAAR OUDER
Dichters over de Eerste Wereldoorlog
Chris Spriet

D[AVID] H[ERBERT]LAWRENCE (G.-B., 1885-1930). Leraar, romancier, dichter, essayist en criticus afkomstig uit een mijnwerkersgezin. Hield er een vrijgevochten levenswandel op na, met o.a. een verhouding met een verwante van de Rode Baron, de Duitse oorlogsvlieger Manfred von Richthofen. Hield aan de oorlog een afkeer van zijn eigen land alsmede van de moderne beschaving over.

Rondeau of the conscientious objector D.H. Lawrence (1885 – 1930)

Rondeau of the conscientious objector
D.H. Lawrence (1885 – 1930)

The hours have tumbled their leaden, monotonous sands
And piled them up in a dull grey heap in the West.
I carry my patience sullenly through the waste lands;
To-morrow will pour them all back, the dull hours I detest.

I force my cart through the sodden filth that is pressed
Into ooze, and the sombre dirt spouts up at my hands
As I make my way in twilight now to rest.
The hours have tumbled their leaden, monotonous sands.

A twisted thorn-tree still in the evening stands
Defending the memory of leaves and the happy round nest.
But mud has flooded the homes of these weary lands
And piled them up in a dull grey heap in the West.

All day has the clank of iron on iron distressed
The nerve-bare place. Now a little silence expands
And a gasp of relief. But the soul is still compressed:
I carry my patience sullenly through the waste lands.

The hours have ceased to fall, and a star commands
Shadows to cover our stricken manhood, and blest
Sleep to make us forget: but he understands:
To-morrow will pour them all back, the dull hours I detest.

D[AVID] H[ERBERT]LAWRENCE (G.-B., 1885-1930). Leraar, romancier, dichter, essayist en criticus afkomstig uit een mijnwerkersgezin. Hield er een vrijgevochten levenswandel op na, met o.a. een verhouding met een verwante van de Rode Baron, de Duitse oorlogsvlieger Manfred von Richthofen. Hield aan de oorlog een afkeer van zijn eigen land alsmede van de moderne beschaving over.

Zoals beloofd twee gedichten in het weekend
In dit geval de originele anderstalige versie op zaterdag en de vertaling op zondag
gepubliceerd met toelating van de Uitgever Davidsfonds uitgeverij
isbn 978-90-6306-656-7
WE WERDEN HONDERD JAAR OUDER
Dichters over de Eerste Wereldoorlog
Chris Spriet

Nieuwjaarskaartje  1910 serie 399

 

LIED Andre Demedts

LIED
Andre Demedts

Ik wil niet vragen waarom het gras vertrapt wordt voor niet,
en waarom ons leven verwoest wordt in eenzaamheid en honger en in verdriet.
Vader, ik ben maar iemand die zijn handen als een spoorlijn strekt naar uw land,
over alle vlakten en kimmeti trekt me mijn heimwee
– al zijn uw nachten hier van sterren doorbrand,
al zijn de bloemen en de mensen zo schoon als de zon opgaat,
ik heb hen lief en ik voel hoe de woeling der scharen deint In mijn bloed.
Ik voel hoe Ik met hen vergroeid ben en elke mens noem ik kameraad;
maar zij kunnen mij niet helpen al zijn ze liefdevol en trouw en goed.
Ach niet in deze afgrond om nooit uw sterren meer te zien;
maar Ik moet stijgen naar de bergen en nooit niet bereiken misschien,
maar ik moet komen zonder te weten of baten zal dit zwerven en deze smart
Vader Ik ben zo donker en zo zwak om op weg te gaan over het hoogland naar uw hart.
Ik wil niet vragen of mijn leven ook nutteloos zal zijn,ik vraag niet naar de vreemde waarom
van zoveel ellende en zoveel verwachten : ik sta hier alleen met mijn tranen en mijn heimwee dat me nooit meer verlaat.
Maar spijts alles : door uw donkerste nachten. Vader, Ik kom, ik kom
tot ik eens geluksschreiend ineenkrimp onder uw dageraad.

DE MEDTS, ANDRÉ Geboren den 8 Oogst 1906 te St. Baefs-Vijve.Schreef gedichten in Averbode’s Weekblad (Hooger Leven) -Dietsche Warande en Belfort, enz, – en proza in A. Weekblad .

André Demedts was een Vlaams schrijver, leraar en van 1949 tot 1971 directeur van BRT-radio West-Vlaanderen. Wikipedia

Geboren: 8 augustus 1906, Wielsbeke
Overleden: 4 november 1992, Oudenaarde
Boeken: De levenden en de doden, De Belgische republiek, MEER

nieuwjaarskaartje 1910 ser 8662 printed germany

HULDE AAN DE DODE KAMERAAD.
Andre Demedts

Van morgen is jouw meisje gekomen, bevend, en haar
ogen ontstoken en rood;
Ik heb begrepen wat zij niet zeggen kon: de tijding van
je dood.
Mijn hart had gehoopt dit woord niet te horen, maar het
mocht niet zijn,
Nu springt wanhoop als een hond op mijn borst, en ik
snik van leed en meedogen,..
Mijn dode kameraad, vergeef me die zwakheid, maar
’t verdriet is te groot
Jouw moeder, jouw meisje voelen hun leven nu dromeloos
en zo bloot,
Jij toverdet hun dagen vol licht en vol zon; jij braakt
voor hun honger jouw liefde als morgenbrood.
Maar nu… men heeft jou thuisgebracht,
Vermorzeld en verscheurd,
Jouw borst één opene wonde,
Jouw armen, jouw benen ontwricht en verpletterd…
Alleen bleef jouw gelaat gespaard,
Uit olievuil en bloed staarden uw ogen,
Zagen ons aan,
Voor ’t laatst,
Jouw ogen zullen nooit meer opengaan…
Wielen, raderen hebben je gegrepen en gebroken,
Als een kind, dat tussen zijn tanden een kersepit stuk bijt ;
Maar op jouw aangezicht is toch ontloken
Een bleke lach als jij van ons gescheiden zijt…
Jij waart niets, niemand onder de miljoenen,
Die dag aan dag, over de aarde, zwoegen en vallen.
Men kent hun namen niet, het werk gaat voort.
Een man is dood: het komt er niet op aan!
Maar wij, we stonden over jou gebogen,
We wisten alles : je liefde, je kracht, je goedheid,
En toch is ons alles ontvallen
Vergeef dat ons hart van droefheid schreit..,

nieuwjaarskaartje 1909 cgr 141 germany 1 cent

IK STREK UW HAND.., A. Van Boeckxsel

IK STREK UW HAND..,
A. Van Boeckxsel

Ik strek uw hand uit naar de ruit
een lelie in den nacht –
en, tusschen elken vinger zie’k
één uit de sterrenwacht;

en elke ster wordt eëlgesteent
– robijn, saphyr of diamant –
dat, in het duister, ‘t elpenbeen
siert van uw witte hand.

postkaart 1908 serie 549 no 2 1 cent

VAN BOECXSEL, AUGUST Geboren te Gent.
Verzen De dubbele Afstraling. verder niets te vinden

DE WET. Frank Van den Wijngaert

DE WET.
Frank Van den Wijngaert

Als uw hart
een Urn is
en het bloed
van dit hart
een springvlam
naar het Hart
van de Waereld…
Als uw ziel
een Bundel is
en de Zucht
van die ziel
een lichtende Pijl
in het Duister

Als Gij weet :
ik ben offer
en de Mensheid
is altaar
O brand niet
de Mensheid
op het altaar:
………..
Zoek Gij de Ram
voor ’t offer
van Uw Broer,
en vindt gij niet,
verwar Uzelve dan
in ’t struikgewas

Zo is de Wet !

VAN DEN WIJNGAERT, FRANK Geboren te Contich den 29 Januari 1901. Overleden 12/06/1962, Antwerpen [BE]Verzen De derde Nacht (’20); Belijdenis (‘ai); De Schuld (’22).

1901-1962
Expressionistisch dichter met humanistische strekking, prozaschrijver en essayist.

Adjunct-conservator van het Stedelijk Prentenkabinet te Antwerpen.
http://anet.be/submit.phtml?UDses=66934926%3A806828&UDstate=1&UDmode=&UDaccess=&UDrou=%25Start:bopwexe&UDopac=isaarlh&UDextra=au::21394

nieuwjaarskaartje 1908 circe 4282 1cent